Stap 2: De Yttrium-90 behandeling
Voor de behandeling ondergaat de patiënt weer opnieuw een angiografie, waarbij onder lokale verdoving via een klein steekgat door de huid een katheter in de liesslagader ingebracht. Op basis van informatie die verkregen is tijdens de eerste diagnostische angiografie (stap 1), wordt eenvoudig de katheter in de leverslagader geplaatst.
De behandeling gebeurt door toediening van radioactieve Yttrium-90 microsferen via de katheter geplaatst in de leverslagader. Voor iedere patiënt wordt de juiste dosis microsferen besteld door het tumor volume af te zetten tegen het totale levervolume. Toediening van de Yttrium-90 microsferen gebeurt via een speciale box waarin de radioactieve microsferen in een potje zitten. Het potje met microsferen is aangesloten op een slangetje dat weer met de katheter verbonden is die in de leverslagader ligt. Er is dus een gesloten systeem waardoorheen de microsferen vanuit de box rechtstreeks de lever bereiken.
Na de behandeling wordt het gaatje in de lies gesloten met een druk verband of een kleine inwendige hechting (“angioseal”). De patiënt blijft een nachtje in het ziekenhuis ter observatie. De radioactieve straling blijft beperkt tot de lever en er is geen meetbare activiteit buiten het lichaam. De patiënt wordt dus opgenomen op een normale verpleegafdeling en kan gewoon bezoek ontvangen. De meeste patiënten ervaren na de behandeling een zeurend gevoel in de bovenbuik en kunnen wat misselijk zijn. Meestal is dat een dag na de procedure verdwenen en kunnen de dagelijkse bezigheden hervat worden.